donderdag 27 juni 2013

Spraakachterstand en voeding


Het aanleren van taal is een complex proces. Om te leren praten en taal te leren begrijpen vinden er talloze chemische reacties plaats in de hersenen, en moeten er miljoenen hersencellen met elkaar samenwerken en communiceren in allerlei complexe netwerken. Hoe dit proces verloopt wordt beïnvloedt door het genenpakket dat je hebt meegekregen, de ervaringen die je opdoet en externe factoren zoals voeding. Aan de genen van je kind kun je niet zoveel doen, aan de ervaringen die het opdoet en de voeding die het binnenkrijgt, des te meer. Je kunt de ontwikkeling van je kind dus wel degelijk beïnvloeden.

Ik wil hier graag verder ingaan op voeding. Veel artsen en hulpverleners zijn slecht op de hoogte van de rol die voeding kan spelen bij een ontwikkelingsachterstand. Toch is er veel informatie over te vinden. Een heel interessant boek dat vorig jaar is uitgegeven, is: Het effect van voeding op de gezondheid van je kind, door Kelly Dorfman (Kosmos, 2012). Zij is een diëtiste die al meer dan 30 jaar werkt met kinderen, en een duidelijk verband ziet tussen bepaalde klachten en voeding. Een van de hoofdstukken in het boek is gewijd aan spraak-taalachterstand. Uit haar jarenlange praktijkervaring, stelt zij dat vooral essentiële vetten belangrijk zijn voor de hersenfunctie, het leervermogen, en de taalontwikkeling. De stoffen die zij adviseert extra in te nemen in het geval van spraak-taalachterstand zijn visolie, vitamine E en fosfatidylcholine.

Visolie
De stof die in visolie zit, DMAE, helpt de hersenfunctie te stimuleren door de productie van de neurotransmitter acetylcholine te versnellen. Deze neurotransmitter is betrokken bij die delen van de hersenen waar prioriteiten worden gesteld, de planning wordt gemaakt en de bewegingen en het geheugen worden gereguleerd. Allemaal processen die een belangrijke rol spelen bij de spraak-taalontwikkeling.

Vitamine E
Vitamine E is een in vet oplosbare antioxidant, die bedoeld is om te werken in delen van het lichaam met veel vet, zoals de hersenen. Uit onderzoek is aangetoond dat veel kinderen met dyspraxie een tekort hebben aan vitamine E. De symptomen van dyspraxie zijn o.a.: langzame taalontwikkeling, lage spierspanning, slechte motorische coördinatie en planning.

Fosfatidylcholine
Fosfatidylcholine is een belangrijke bouwstof van de hersenen, en speelt een rol bij de vorming van acetylcholine, de neurotransmitter die het geheugen, de motorische planning en de uitvoerende functies aanstuurt.